Ouders in wooninitiatieven zijn net acrobaten

Het vinden van een geschikte woonplek voor kinderen met een beperking is ‘ontzettend moeilijk’. Dit blijkt uit recent onderzoek onder ruim tweehonderd onafhankelijke cliënt-ondersteuners van Pointer, het platform voor onderzoeksjournalistiek van KRO-NCRV. Steeds meer ouders proberen daarom kleinschalige woonvoorzieningen op te zetten. De Landelijke Vereniging van Ouderinitiatieven (LVOI) ondersteunt deze ‘moedige doorzetters’ met advies en belangenbehartiging op hun ‘barre tocht door de woestijn’. Aldus Rudo Jockin, voorzitter van de LVOI, bestuurslid bij de Grasboom en voorzitter van Grasboom Meerbalans in Hoofddorp.

Meer lezen op website van Vilans

Actuele kennis en ervaring bundelen

De Landelijke vereniging ouderintiatieven (LVOI) ondersteunt ouders bij het realiseren van kleinschalige ouderinitiatieven. ‘Wij bundelen actuele kennis en ervaring zodat ouders in een provincie verderop het wiel niet opnieuw moeten uitvinden. De initiatiefnemers bij de LVOI weten wat de uitdagingen zijn en hoe ouders sneller en effectiever hun doelen kunnen bereiken.

Belangenbehartiging

We vormen een community van ouders zodat je vragen aan elkaar kunt stellen en we werken aan structurele kennisdossiers. We gaan standvastig naast ouders staan, maar we zetten zelf geen initiatieven op.’ Belangenbehartiging en lobby Daarnaast zorgt de LVOI voor belangenbehartiging en lobby op lokaal, regionaal en landelijk niveau.

Zo heeft de vereniging in coronatijd ‘behoorlijk veel lawaai gemaakt’. Jockin: ‘De bewoners van kleinschalige ouderinitiatieven werden vergeten bij de regelingen over voorrang bij vaccinatie voor mensen met een beperking, terwijl zij juist heel kwetsbaar zijn en anderhalve meter afstand houden niet haalbaar is in een dergelijke woonvorm. We hebben toen veel energie gestoken in een succesvolle dialoog met beleidsmakers waardoor deze bewoners uiteindelijk toch met voorrang gevaccineerd konden worden.’

Ouders zijn net acrobaten

Wanneer je als ouders besluit om zelf het initiatief te nemen, dan ga je – zoals ik dikwijls zeg – op een barre tocht door de woestijn. Het is een moeilijke, langdurige, serieuze en zware opgave. Je bereikt pas iets door roeien en ruiten en rijstebrijbergen. Je moet echt aan heel veel dingen denken, en doorgaans ook nog op hetzelfde tijdstip. Ouders die met een initiatief starten zijn net acrobaten die draaiende bordjes op stokjes moeten hooghouden. Als dat lukt, is het resultaat fantastisch.

Moedige doorzetters

Jockin geeft aan dat het om te beginnen gemiddeld acht tot tien jaar duurt om een kleinschalige woonvoorziening op te zetten. ‘Een groep ouders die het initiatief tot in lengte van dagen gaat dragen en elkaar diep in de ogen durft te kijken, is broodnodig. Het moet een kern van moedige doorzetters zijn die zo’n initiatief daadwerkelijk in de lucht houdt. Bovendien hebben ouders een geschikte locatie nodig, financiering én een samenwerkingspartner die de zorg levert zodat zijzelf uit de zorgende rol kunnen stappen en tegelijkertijd de regie over de zorg kunnen houden.’

Gouden bergen

Als vader van een volwassen zoon met een beperking, houdt Jockin er niet van om andere ouders ‘gouden bergen te beloven’. ‘Maar als ik zie hoe gelukkig de bewoners en hun ouders in de regel met de gerealiseerde woningen zijn, durf ik met een gerust hart te zeggen dat alle inspanningen die ondernemende ouders doen dubbel en dwars de moeite waard zijn.’

Bron: website Vilans

Pointer-uitzending (18-02-2024) over de haalbaarheid van kleinschalige ouderinitiatieven.